Verwaaid in Dunkerque

Voor de tweede maal dit jaar zijn we in Cherbourg. We zijn hier aangekomen na een lange tocht vanuit L’Aber Wrac’h met een pitsstop in Guernsey.

Onze ankerplaats in Guernsey

Na de enorme hype van de Fastnet race waarbij meer dan 400 jachten finishten in Cherbourg na een zware zeilrace van meerdere dagen, maakt de haven nu een uitgestorven indruk. Ik had eigenlijk wel meer toerzeilers verwacht juist omdat die 2 weken lang uit de haven waren verbannen, maar dat viel tegen. De wedstrijdzeilers waren inmiddels ook allemaal vertrokken en het enige bijzondere schip aan de passantensteiger was een prachtige S&S Swan 48 uit 1976.

Deze Swan had ook meegedaan aan de Fastnet race. Jammer genoeg was er niemand aan boord waardoor we de boot niet van binnen konden bewonderen. De buitenkant zag er echter als nieuw uit en op de tuigage was ook niet bezuinigd.

Allemaal nieuwe lieren waarvan 2 elektrische
Genuaschoot keerblokken

Net als in Bretagne was het in Cherbourg ook meestal zwaarbewolkt met af en toe een beetje zon of regen. Echt mooi vakantieweer hebben we op de reis weinig gehad en dan gaat de lol er een beetje af. We lagen nu te wachten op een goede weersverwachting om eens een flinke ruk naar het noorden te maken. Toen het zover was bleek dat de gunstige wind die verwacht werd al na 2 dagen weer voorbij zou zijn. We wilden daarom St Vaast, de hele Seine baai, Fecamp en Dieppe overslaan omdat het “weergat” maar 2 dagen lang was en dat er daarna langere tijd een stevige noordelijke wind zou staan die het varen in noordelijke richting minimaal zeer tijdrovend zou maken. Bovendien zou de verwachte zware zeegang het varen een zeer afmattende bezigheid maken.

Route Cherbourg – Dunkerque

Dus plannen werden gesmeed om minimaal 1 nacht door te varen. Je zou denken dat als je al 4x een oceaanoversteek van 20 dagen hebt gemaakt dat één nacht doorvaren niets voorstelt, maar zeilen op het Engels Kanaal met veel vrachtschepen en ferries, getijdestroom en snel wisselende omstandigheden is het altijd een uitdaging. Bovendien is de eerste nacht op zee het zwaarst door slaaptekort. Het begint al bij Cherbourg waar zomaar 5 knopen stroom kan lopen en die wil je dus niet tegen hebben omdat je dan beter het anker kan uitgooien en wachten tot de stroom keert (dan moet je natuurlijk wel een hele lange ankerketting hebben). Afgelopen zaterdag zou de stroom naar het noorden keren om 05.00 uur en dan moet je dus eigenlijk al buiten de haven klaar liggen om op de rijdende trein te springen. Wij waren iets later en hadden op de Grande Rade van Cherbourg al 2 knopen stroom mee. Nadat we in pikdonker de zeilen hadden gehesen ging de reis daarna gelijk in de hoogste versnelling van start. We voeren een redelijk hoog aan de windse koers en haalden mede door de sterke stroom snelheden van 12 knopen. Dat was echt kicken en vooral omdat de zee nog niet de tijd had gehad om enige golfhoogte op te bouwen was het zeilen een genot. Zo werden bijna 50 mijl afgelegd in nog geen 5 uur! Als dit zo door kon gaan zouden we voor donker in Boulogne aankomen ! Maar er kwam snel een eind aan de pret toen de wind inzakte en de stroom afnam. De stroom had ons inmiddels ca 10 mijl ten oosten van de geplande koers gezet, maar dat komt doorgaans vanzelf weer goed als de stroom keert. Deze keer waren we echter zo snel gegaan dat we nu in een gebied zaten waar de stroomsterktes kleiner zijn dan bij Cherbourg. Maar tegen de stroom in sturen heeft ook geen zin en als je richting Dover Strait vaart moet het water toch vroeg of dezelfde kant op gaan zou je denken….

De wind zakte steeds verder in draaide ook nog naar het zuidwesten, waardoor de bootsnelheid zakte naar 3 knopen. Probleem was dat we met deze snelheid het laatste stuk naar Boulogne stroom pal tegen zouden krijgen. Dus toch maar weer de motor gestart die deze vakantie al te veel uren had gedraaid. Het was inmiddels weer donker en we hadden de zeilen gestreken om slijtage door klapperen te vermijden. Nu we sinds lange tijd weer eens in het donker op de motor voeren kreeg ik de ingeving om de navigatieverlichten te controleren en jawel hoor alle lampen deden het BEHALVE het rode bakboordlicht op de preekstoel ! (De moderne LED navigatielampen hebben dus niet het eeuwige leven dat fabrikanten beloven). Dat betekent dat andere schepen die aan onze bakboordzijde varen alleen maar een wit stoomlicht zien. Dit kan verwarring geven en wij moesten dus nog beter opletten!

Rond 22 uur stak de wind echter op en liep gelijk op van 5 naar 17 knopen ! Dus onmiddelijk zeilen hijsen maar wel maar het eerste rif erin gezet. Dan schakel je ook over op “zeilboot” verlichting en deze was gelukkig in orde.

De windtoename was pas verwacht voor de tweede helft van de nacht en bovendien een stuk minder dan we nu hadden. De twijfel sloeg toe: met deze wind zouden we toch op tijd zijn om de stroom mee te hebben in Dover Strait maar we waren vermoeid en van plan om in Boulogne te stoppen. Redelijk overmoedig besloten we om toch door te varen en snel een nieuwe route in de plotter te zetten voor het stuk tot aan Dunkerque. Achteraf geredeneerd hadden we dit niet moeten doen. De wind nam nog wat toe en het stuk naar Cap Griz Nez ging zeer voorspoedig maar de navigatie vroeg veel aandacht: we voeren immers een soort trechter in waar ook nog een een voor jachten verboden TSS stelsel ligt. Juist omdat het zo gevaarlijk en druk vaarwater is, liggen er ook nog eens veel boeien waar je beter niet tegenaan kan varen! Gelukkig is de zee in de Dover Strait niet zo wild als bij Cap de Hague of Raz de Sein, maar het is zeker niet de Grevelingen…

Dover Strait en de rode lijnen van het TSS

Na het passeren van de vuurtoren op Cap Griz Nez draaide wind nog verder naar het ZW en voeren we inmiddels plat voor de wind. De koers in de plotter konden we niet volgen, omdat deze zou leiden tot ongewild gijpen (de beruchte klapgijp) en we voeren daarom een stukje door tot de TSS totdat we na de gijp Calais konden vrijvaren en niet zoals de vorige keer in een soort fuik van zandbanken zouden terechtkomen. Om ons heen fel verlichte flatgebouwen zonder zichtbare navigatielampen (de veerboten tussen Calais naar Dover), jakkerende pilots, vissers en enkele andere jachten. Tot zover liep alles volgens plan, maar we hadden inmiddels wel van Oostende Radio een weerbericht ontvangen waarin gesproken werd over onweersbuien in de loop van de dag, maar niet over veel wind. Omdat de wind steeds verder inzakte voeren we inmiddels weer onder vol tuig met de fok uitgeboomd langs Calais. Ook dat hadden we niet moeten doen. Gelukkig was het inmiddels weer licht (ik schrijf bewust niet : de zon kwam op) maar het zicht was slecht door de regen. De autopilot was voor de veiligheid ingesteld op “windvaan” om bij een windshift geen ongeplande gijp te krijgen. Plotseling werden we getroffen door een zware onweersbui, waarin de wind toe nam tot 25 knopen en draaide naar NW, waardoor de stuurautomaat ons rechtstreeks naar de ondieptes stuurde ! Dit was even aan de aandacht ontsnapt, omdat we net bezig waren een gijp voor te bereiden. Er was geen tijd meer voor een gecontroleerde gijp waarbij je eerst het grootzeil binnenhaalt en bijna recht boven de boot zet en dan pas de boot door de wind stuurt. Op de Winner 12.20 zit namelijk een “german sheeting” systeem waardoor je alleen met de lieren de grootzeilschoot kan binnenhalen en dat kost behoorlijk veel tijd en energie. Er moest onmiddelijk een “stormrondje” ingezet worden omdat we anders vast zouden lopen (volgens de plotter). Dit “stormrondje” verliep letterlijk en figuurlijk voorspoedig en we konden koers zetten naar de betonde diepwater geul (25m) naar Dunkerque. De kaart in de plotter suggereerde dat we bijna in minder dan 3m diep water zouden komen bij deze koers. In de haven bleek bij bestudering van onze track bleek dat er in de kaart een ondiepte stond die bij inzoomen juist verdween.

Het donkerblauw is minder dan 5m diep
Een stuk meer ingezoomd en weg is de ondiepe punt !

Na het “stormrondje” konden we dus koers zetten naar de diepwatergeul naar Dunkerque, maar toen gebeurde er weer iets bizars: we kwamen terecht in een hele grote groep meeuwen die overduidelijk met een feestmaal bezig waren tijdens de zware bui. Het dieptealarm (<4m water) ging af en met grote schrik zag ik de diepte afnemen van 8 naar 3 meter. Zaten we dan weer zo verkeerd ? Zouden we weer vastlopen op een zandbank ? Het was welliswaar springtij én laagwater, maar dit kon niet waar zijn. Na een paar seconden van gruwelijke onzekerheid begon de dieptemeter weer op te lopen naar 8 meter en later 25m en dat terwijl we met 25 knopen wind en vol tuig door de golven stoven. Op de kaart stond minimaal 8m diepte en de enige verklaring die ik heb is dat er waarschijnlijk een grote school vis de dieptemeter als “fish finder” heeft laten functioneren.

Op iedere tocht leer je iets en deze keer was dat: reven zodra je onweer aan hoort komen, de plotter maakt ook fouten en stormrondjes zijn niet alleen voor watjes…

Na deze avonturen keken we met smart uit naar de vuurtoren bij de haveningang bij Dunkerque, maar we moesten nog een heel stuk plat voor de wind door een betonde geul tussen de zandbanken. Na nog een aantal keren gijpen middels een stormrondje konden we opgelucht de haven invaren en op ons gemak de zeilen strijken.

Stroom tegen, 25 knopen wind en herhaaldelijk gijpen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s